ESMC

Tour-reglement

Het rijden in een groep is leuk. Maar kan ook extra risico met zich meebrengen. Vandaar dat ESMC haar leden adviseert zich aan haar tourreglement te houden tijdens het rijden in een groep.

12413928_974689189277138_1722713348_o

Toerreglement

Het deelnemen aan een toerrit georganiseerd door de ESMC of waar de ESMC aan deelneemt is altijd voor eigen risico. De ESMC neemt op geen enkele manier de verantwoording op zich met betrekking tot calamiteiten die zich tijdens zulke ritten voordoen.   Hieronder staan een aantal regels vermeld waar zeker de hand aan gehouden dient te worden om een toerrit zo soepel mogelijk en met zo weinig mogelijk risico's te laten verlopen.  

Voorbereiding

  • Rijdt altijd met licht aan.
  • Iedereen vertrekt per definitie met een volle tank. De tankstops worden afgestemd op de dorstigste motor of de motor met de kleinste benzinetank.
  • Nieuwe rijders dienen door de voorrijder geïnformeerd te worden over de gevaren van het rijden in een groep.
  • Iedere deelnemer dient er van overtuigt te zijn, dat de staat van de motor dusdanig is dat deze vanaf het vertrekpunt tot aan het eindpunt in orde zal zijn.

Rijden in een groep

  • Iedereen volgt altijd de voorrijder. Deze weet waar we heen moeten.
  • Indien de weg en omstandigheden het toelaten wordt er in 'Z'- of 'baksteen' formatie gereden.
  • Houdt AFSTAND. Bij een botsing is de achterste altijd schuldig. Let ook bij het wegrijden vanuit stilstand op je voorganger. Verzeker jezelf dat hij daadwerkelijk wegrijdt alvorens je zelf optrekt.
  • Wanneer de groep in tweeën splitst (b.v. bij een verkeerslicht), wordt er bij de eerst volgende veilige plaats, doch uiterlijk bij de eerste afslag (eventueel slechts door één persoon als de situatie dit vereist) gewacht tot de rest weer bij is.
  • Vermijdt het 'naast je voorganger kruipen', vooral in bochten. Je voorganger heeft er dan geen zicht meer op waar je bent en kan schrikken als hij je plotseling naast zich ziet. Haal daarom ook niet de andere deelnemers van de rit in.
  • Wanneer iemand pech heeft, dan gaat de achterste rijder(s) hem helpen (zij halen hem per definitie niet in). Als het goed is ziet de rest hen langzaam in hun spiegels verdwijnen... en stopt vervolgens op een daarvoor geschikte plek.
  • Behoudt je plaats in de groep tijdens de gehele rit (neem ook na een rustpauze) de beginvolgorde aan: zo kom je er het snelste achter of er iemand gemist wordt.
  • Wanneer de voorrijder een teken geeft (b.v. arm omhoog als stopteken) geef dit teken dan zelf naar achteren door, zodat ook de achterste rijders, die het gegeven teken niet kunnen zien, daarvan kennis kunnen nemen.
  • Als er gewacht moet worden (bij kaartlezen, pech, splitsen van de groep etc.) stop dan op een veilige plek; Blokkeer de weg niet.
  • Inhalen: dit doe je in principe alleen en voor eigen risico. Haal niet in omdat een ander dat ook doet. Ieder kiest voor zich het ideale moment om in te halen.
  • Op de snelweg: hier is het slim om 'en block' in te halen. De leider kijkt of er ruimte voor de hele groep is om in een keer in te halen. Vervolgens geeft hij aan dat hij wil gaan inhalen. Nu gaat de achterste naar de andere rijstrook om zo iedereen de gelegenheid te geven tegelijk in te halen.
  • Wanneer er een auto in de groep komt, geef hem dan de ruimte om ook de rest van de groep te passeren. Ga rechts rijden.
  • Wij hanteren, tenzij anders afgesproken, vaste begin- en eindpunten De Clubruimte! Het is (zeker voor de organisatoren) niet leuk wanneer iedereen, zodra we weer in Eindhoven zijn, a.s.a.p. naar huis verdwijnt. Indien je toch rechtstreeks naar huis verdwijnt, geef dit dan bij de laatste rustpauze door.

Snelheid

  • De voorrijder houdt de maximumsnelheid aan. Bij kleine groepen (<7) kan naar eigen inzicht hiervan afgeweken worden. Vooraf dient eenieder in de groep op de hoogte te zijn van het te rijden tempo.
  • Het rijden van (te) hoge snelheden brengt grote gevaren met zich mee. Houdt als voorrijder daarom rekening met onervaren rijders in de groep.
  • Rijdt je eigen tempo en ga om bij te blijven niet boven je eigen grenzen of die van je motor rijden.
Voor langzamere en/of onervaren rijders geldt: vooraan in de groep rijden, zodat de rest daar een sociaal tempo op kan afstemmen óf achteraan in de groep rijden zodat iedereen zijn eigen tempo kan rijden.